Recent

maandelijks archief: maart 2012

Luid

in rust naar de hemel klimmen
het voorportaal van de zomer omwikkelen
en in volle pracht openbloeien
      bloesems over aarde strooien

met kin omhoog regen ontwijken
op een podium door schijnwerpers belicht
in het midden van een plein
      leven uitschreeuwen

beheerst de brede vleugels slaan
zwaard strijdlustig boven ’t hoofd geheven
de opkomende zon tegemoet vliegen
      de drang om te ontstijgen

Gekraakt

Gekraakt

Wat wij opwerpen

flarden specie en cement
 aan een broekpak vast gehard

een bakstenen huis dat kalm
 in de lucht zijn vorm verkrijgt

zachtroze straalt de zon
 op het leven op de rand

 

een merel vliegt met boomschors aan
 en nestelt zich in de dakgoot

de voordeur staat op een kier
 sleutel buiten in het slot

lentezon lijkt ons te strelen
 in het leven op z’n kant

Teer

kleine vlammetjes branden in mijn gezicht
likken aan mijn wenkbrauwen, mijn wangen
ik heb me schor gehuild vannacht
in een veel te grote kamer
alleen met mijn verdriet

ik teer op mijn laatste ademteugen
dorstend naar wat verse lucht
de leegte neemt me in zich op
het beetje warmte sijpelt
uit de grijze sintels weg

om mij heen heb ik spullen verstrooid
hun nut verloren in enkelhoog as
het is te lang al te veel geweest
in dit ongeremde draaien
zonder levenskracht