Recent

berichten met de tag 'presteren'

Brak

zo breekbaar
                  brood
waar nodig ver{kap}t
iel, dun
         etsjes
         blauw aangelopen
         druk van buiten
                  naar binnen

voor de volledigheid teken ik aan
   het pakje, Pax Romana,
   het kostuum, het gebruik
      ’s voorwerpsels doel
         lozen, links laten liggen
            (zo klinkt het devies)
         gerichter, rechterschouder als ondersteuning
            (zo beveelt hij
             zo is hij weg)

op het scherm- en schiettoernooi
de hersenactiviteit toonbaar gemaakt
                           gangbaar plots
                           tastbaar
ter discussie geboden, een veiling
   de meester zijn potentie (le kracht
                                    termen in het Frans
                                    en een bril op sterkte ermee)

(week)blaadjes over het seizoen,
grafen en baronnen, meters hooggeplaatste planken, horken
aan wijs^begeerte geen tekort
         [stok]
         tik tik (bom
                  vol overgave
                  hoge verwachtingen
                  wegen het zwaarts)
en liters uitleg – puzzelen over het gevoel (onbenoemd (op)gelaten
                  – wee je gebeente als je het aanraakt)
maar de brekingsindex (glas, lood) blijft

         toe:
            smeekbedes m/v

De veiligheid in mij

Een terugblik leverde nauwelijks nieuw inzicht op. De weinige ontdekkingen die we deden kwamen klam, als de palmen van onze in elkaar gevouwen handen. Angstig, angstaanjagend, eender en leeg.
Zonder dat er een introductie, een opmaat, of wat dan ook geweest was begon hij. Broeierig weer, op zich was ik het met hem eens.
Zijn manier van zaken aan de kaak stellen had iets ontwapenends, naakt en direct, franje weggelaten en ondanks de scherpte nooit kwetsend. Als je nadacht, althans.

Ik voelde me gesterkt door zijn woorden, tot mij gefluisterd terwijl ik in het openbaar aan zijn voeten zat. De tijd zwierde voorbij en met haar alle vreemde talen en mij ongewone gebaren. Hij bracht het terug tot een kern van betekenis voor mij.
Met die klank nog resonerend, lang voordat hij wrang werd, steeg ik op en had ik ons dak gelegd.
Ik wist dat ik nu de kracht had en in deze lichtflits, in het midden van deze openbaring zag ik helder voor me dat ik altijd hier terug kon keren. Waar ik ook was, de veiligheid die ik zocht was in mij.
Ik zwierde voorbij, een engel voor hem, met vuurrode haren.
Het waren onze betere dagen, met een leesfauteuil, een lessenaar op het grote plein. Tussen de wegwerkzaamheden, in het midden van de bouwput. Fier overeind, hoofd zo gekanteld dat de wind zijn oorlel aaide, net als ik.
Hij sprak rede en werd gehoord. Het begin van een revolutie en iedereen die door hem bezwangerd wilde worden. Hij was alleen van mij, gifgroen en met malende tanden, die broos in de mond uiteenvielen als hij mij sussend toesprak.
De menigte wilde meer.
Het geld stroomde binnen en na niet al te lange tijd telden we schelpen aan de zee. Zout zand klittend in onze haren.

Nu was dat voorbij.
Een dal.

De kleine witte motorboot schampte mijn eenmaster. Het kwam allemaal veel te dichtbij. Ik schreeuwde luid, wenste de agressor tetanus, malaria toe.
Ongedeerd door mijn roepen zwenkte hij eerst naar rechts om vervolgens weer op ramkoers mijn vaarwater trachten te kruisen.
Ik kon de stapels boeken aan bord zien liggen, kon de titels op de natgespatte kaften lezen terwijl zijn schurftige kop weer dichterbij kwam.
Met heel mijn lijf wilde ik hem tot zinken brengen, hij in dat aftandse bootje van hem, en

We lagen in elkaars armen, veel te gecompliceerd. Jaren na dit aannemelijk was, om ons jong te voelen. Volkomen uit ons doen.
In een poging taai te lijken verbeten we ons en ik bedacht me dat hij zich ongetwijfeld opofferen zou. Hij dacht ongetwijfeld hetzelfde, zoals we vaker in ons ongeluk tot een werden.
In de toekomst hadden we niets. Nadat we alles gespendeerd hadden waren we arm.
Na alles uit te geven waren we naakt.

Een dunne lijn

Niet dat het uitmaakt.

Ergens ver zuidelijk, op een plek waar de seizoenen geen vat op de omgeving meer hebben, loopt een brede, bruisende rivier. Andere stromen slijten na verloop van tijd nieuwe bochten in de kades, meanderen en roeien zichzelf in zekere zin uit. Deze rivier laat het landschap volledig intact, maakt geen bochten. In een kaarsrechte lijn stroomt hij van onbereikbare bergen naar de zee.
Op een kleine stad in de monding van de rivier na, is de bebouwing rond het water nooit echt op gang gekomen. Ongeveer elke honderd kilometer ligt er wel een haventje, maar de houten steigers zijn veelal rot en zelden liggen er nog boten aangemeerd. Ook in de huizen rondom is het stil.
Het enige wat de stroom meevoert zijn stukken hout, of het kadaver van een roekeloos hert.

Torens

warme armen en ontblote tanden
      receptie voor een bittere ontvangst
ze trekken je haastig over de kantelen
aan boord van een schip dat niet zinken kan

om de fundamenten loopt een kater wacht
tot ridder geslagen voor hij het nest verliet
      hij telt zijn strepen
door zijn bont aan het zicht onttrokken

een nieuwe blinde vlucht vangt ’s morgens aan
blauwgemerkte vleugels spreid je uit en je duikt
het hel verlichte zoetwaterbad in, kin omhoog
maar evolutie komt van onder af

Duizendnegen

Met dodelijke precisie benaderden de hoeken van de treden de negentig graden. Met elke stap omhoog zette ik mijn voet even ver naar voren. Het hout kreunde onder mijn gewicht, een diepe, lijdende jammerklacht, zelfs al had ik mijn zachtste sokken aan en plantte ik slechts mijn tenen neer. Opstandig veranderde het oppervlak naar zacht fluweel en naar schuurpapier, dat zelfs het scheerapparaat dat ik bij me droeg niet tot stoppels kon reduceren. Eelt vormde zich op mijn voetzolen, maar ik klom, mijn tenen openhalend aan de scherpe randen. Ik prees mezelf gelukkig dat er geen sterren vielen. In plaats van direct voor een trapleuning te kiezen, zou ik teveel gaan twijfelen tussen dat en een lonkend glas water. Al met al zou ik tienmaal langzamer vooruit komen.